3 september 2011

27 heiligen

Al in de Middeleeuwen kende Frankrijk wetten die de dagelijkse werktijden regelden. Vaak gekoppeld aan rituelen in de katholieke kerk. De kerkklok als fabriekshoorn avant la lettre. Zo moest nachtarbeid stoppen op de eerste slag van de angelus. Gemiddeld werd in de winter een uur of acht gewerkt, ’s zomers liep dat op tot soms wel veertien uur. Wel met twee pauzes om het trommeltje van thuis te legen. De gildes of confréries sloten daarvoor contracten af met de maître van een bedrijf.

Werken voor een patron leek dus veel tijd op te slorpen, maar over een jaar gerekend viel dat reuze mee. Katholiek zijn in de Franse Middeleeuwen had zo z’n voordelen. De zondag was een vrije dag en moest aan kerkbezoek worden besteed. Dan kreeg je feesten van de apostelen, Hemelvaart, Paas- en Pinkstermaandag, Kerstmis plus twee dagen erna, Allerheiligen en Allerzielen. En niet te vergeten minstens zevenentwintig heiligen.

Machtige gildes kregen het zelfs voor elkaar om daar 52 zaterdagen bij te scoren, de verjaardag van de maître en zijn vrouw, die van de baas van de confrérie, de patroonheilige van de parochie en de dag voor én na plaatselijke feesten en jaarmarkten.


Schaduwzijde van al die festiviteiten was de verplichting om op die dagen je gezicht te laten zien voor het altaar. Afgewongen door de pastoor, die in feite de echte baas was.

Labels: , , , , ,

28 november 2009

Camelinesaus


De Franse versie van de Middeleeuwen is nogal aan mode onderhevig. Tot in de 18e eeuw verhaalt men over een duistere, armoedige en vooral gewelddadige periode, bovendien geteisterd door langdurige pestepidemieën of vergelijkbaar ongemak. In  ieder geval geen vrolijke tijd. Na de Franse Revolutie in 1789 kantelt het beeld en zou je bijna jaloers worden op middeleeuwers. De Roman Troubadour doet zijn intrede. Een literair genre waarin ieder die schrijven kan een graantje meepikt om de romantische luister van minnespel en hoffelijkheid aan de man te brengen. Elke krant kent onder aan de pagina wel een feuilleton waarin het vooral allemaal goed afloopt. Weliswaar niet gestoeld op wetenschappelijke feiten, maar het verkoopt als warme petits pains.

Het begin van de 21e eeuw kent ook een opleving van middeleeuwse interesse, met wederom een tikkie teveel amusement. Boeken en films voor het wat serieuzere werk. Zomerspektakel voor toeristen in  ruïnes van kastelen, inclusief het onvermijdelijk klank- en lichtspel rond paard en ridder. Ook eigentijdse media doen er een schepje bovenop. France 2 levert de achtdelige serie La Commanderie met hospitaalridders en een documentaire over Karel de Grote (Le sacre de Charlemagne). 

En natuurlijk ontbreekt het gastronomisch internet niet. Op http://expositions.bnf.fr/gastro/index.htm kun je vele eeuwen terug om water in de mond te krijgen. Zoals met cameline, de meest gebruikte (koude) saus aan de middeleeuwse tafel.

"Prenez du pain blanc selon la quantité de sauce à faire et mettez-le à bien rôtir sur le gril. Ayez du bon vin clairet, le meilleur possible, dans lequel vous mettrez le pain à tremper, ainsi que du vinaigre en bonne quantité. Prenez vos épices, à savoir cannelle, gingembre, graine de paradis, clou de girofle, un peu de poivre, du macis, de la noix muscade, et un peu de sucre ; mélangez tout cela avec le pain et ajoutez un peu de sel."

Uit: Fait de cuisine van Maitre Chiquart, Savoie, 1420

Labels: , , ,

9 oktober 2007

Rommelige familie

Clovis (zie 21 sep) heeft in 511 naast zijn Parijse sterfbed vier zonen en dat is een beetje dom. Volgens de Salische wet van de Franken, waarvan Clovis de baas is, moet je de bezittingen na je dood verdelen over alle jongetjes. Zijn rijk, moeizaam bijeen gevochten en gescharreld, valt dus in vier stukken uiteen. Childebert, Clodomir, Clotaire en Thierry, zo heeten de rakkers, maken er een zootje van en hun nazaten zetten die traditie voort. In de Franse geschiedenisboekjes heet dat keurig un periode confuse.

Alleen al de rommelige manier waarop de familie met elkaar omgaat is avondvullend. Voorbeeld? Maar wees gewaarschuwd, 't wordt gruwelijk .
Zoontjes van overleden Clodomir worden door grootmoeder Clotilde opgevoed. Childebert en Clotaire zien de erfenis steeds dunner worden, gaan bij oma op bezoek en twee van de drie neefjes overleven de visite niet. De derde ziet de bui hangen, gaat wijselijk het klooster in en schopt het als Saint Cloud nog tot abt in Nogent.

De zoon van Thierry heeft een extreem ijdel vrouwtje, die haar dochtertje de keel dichtknijpt om te voorkomen dat ze ooit mooier zal worden als maman. En Clotaire, die hoort dat zijn bloedeigen zoon samenspant om hem om zeep te helpen, komt terstond in actie. Zoonlief opgesloten in een hutje met rieten dak, de fik erin en probleem opgelost.

De kleinzonen van Clovis maken het nog spannender. Chilperic woont samen met de zachtaardige en godvrezende Galswinthe, die meer in de kapel verblijft dan in het echtelijk bed. Haar zusje Brunehaut is een felle donder, getrouwd met zijn broer Siegbert. De mooie slavin Frédégonde vindt Chilperic een beetje sneu, deelt het bed met hem en dat bevalt beiden prima. Samen besluiten ze Galswinthe voortijdig richting geliefde hemel te sturen en Frédégonde regelt een afdoende wurgdood in hetzelfde bed.
Brunehaut wil haar engelachtige zusje wreken en echtgenoot Siegbert verklaart zich solidair en broer Chilperic de oorlog. Kun je 't nog volgen? Dan komt ook nog een derde broer ten tonele, de wat sullige Gontran. Diens poging om de zaak te sussen mislukt en Frédégonde, nu als koningin officieel bij Chilperic ingetrokken, slaat wederom toe. Zij laat Siegbert in 575 tijdens een jachtpartij naar de eeuwige jachtvelden vertrekken. Zelf krijgt ze niet veel later iets met een minnaar aan het hof, die op zijn beurt in 584 zorgt dat Chilperic* uit het spel verdwijnt. Brunehaut en Frédégonde, inmiddels beiden zonder gemaal, houden het oorlogvoeren op eigen houtje nog even vol. Drie jaar later verdelen de overgebleven jongetjes de boel opnieuw.

Tumult en kinnesinne in de familie is opmaat voor de definitieve kloof tussen wat later Frankrijk en Duitsland werd. Zo gaat dat met koningshuizen. Hadden de jongens en meisjes de kop er bij gehouden, was toen al een machtig Europa ontstaan. Had een boel oorlogen gescheeld. Maar als je alles van tevoren weet...

* Chilperic, hier naast Frédégonde la Cruelle, houdt zijn eigen hoofd vast. In de middeleeuwen vaak een manier om aan te geven dat er een luchtje zat aan zijn dood...

Labels: , ,