Diligence
Op een zomerse dag de autoroute Paris-Marseille. Kost je gauw een uur of acht. Inclusief een steak-frites bij zo'n brugrestaurant, twee keer plassen en de aanschaf van een volle tank. In 1765 duurde het allemaal iets langer. Een koerier uit Versailles deed 16 dagen over een rit naar Toulouse. Met een eigen koets of per openbare diligence van Paris naar Marseille moest je 12 dagen uittrekken. Was je halve vakantie al om. De meeste tijd verdeed je in de halteplaatsen voor de overnachting. Want 's nachts werd er niet gereden. Dan was de Grand Chemin voor struikrovers en rondtrekkende bendes. Paarden en voertuigen achter slot en grendel.
Wat nu de N7 heet was vroeger de enige verbinding naar het zuiden. Op dagreizen van elkaar waren pleisterplaatsen ontstaan. Daar werden paarden gewisseld, de nacht doorgebracht en natuurlijk hapje drankje. Op de huidige Route Nationale kun je veel van die plekken nog terugvinden. Vaak een forse auberge of hostellerie, met een cour waar de paardenstallen op uitkwamen. Er werd ook gehandeld in kleine koetsen, die je weer kon verkopen op de volgende bestemming. Reizigers sliepen op zaaltjes of in een eigen kamer wanneer je dat kon betalen.Je vertrok uit de hoofdstad in een diligence met soms wel 16 passagiers verdeeld over 3 coupés (zoals boven). Dagen met elkaar opgescheept. De goedkoopste plaatsen in weer en wind bij de koetsier. De eerste nacht werd meestal doorgebracht in Pont-sur-Yonne. Daarna volgden Vermenton, Arnay-le-Duc, Mâcon en de vijfde nacht al in Lyon. In het heuvelachtige zuiden ging het wat langzamer. Via Vienne, Valence, Montélimar, Pont-St.Esprit en Avignon naar de voorlaatste halte in Aix-en-Provence. Op de laatste dag was het rukje naar Marseille weliswaar steil, maar met een beetje geluk zat je op tijd voor een apéro aan de Vieux-Port. Waarschijnlijk heette die in 1765 gewoon Le Port.
Vijftig jaar later waren de wegen een stuk beter en presteerde een beetje koetsier het om de afstand af te leggen in 110 uur. Een ruime halvering. Ook door steviger voertuigen met betere vering en meer paarden voor de bok. Het verkeer was toegenomen en dus ook het aantal auberges. Hébergement werd een bedrijfstak.
De vooruitgang sloeg toe en in 1834 lezen we berichten dat Paris-Marseille in 80 uur werd gedaan. In 1854 had de eerste trein slechts 38 uur nodig en een eeuw later zoefde de sneltrein Mistral in nog geen 8 uur over het traject. Vandaag overbrugt de TGV-Méditerrannée de 730 km 16 keer in precies 3 uur.
Labels: Paris-Marseille, Route Nationale, TGV, Vieux-Port

