22 november 2009

Boisset d'Anduze

La Porte des Cévennes is de naam waarmee Anduze zich graag afficheert. Al honderden jaren in concurrentie met Alès om de eerste viool te spelen in het noorden van de Gard. De Anduziens lijken het te verliezen, maar hebben desondanks in de hele wereld een naam op te houden. Iets wat van Alès toch moeilijk gezegd kan worden. De historische glorie van Anduze komt van een hardgebakken klomp klei van 150 kilo in de vorm van de karakteristieke Vases d'Anduzes. In heel Europa, maar zelfs in de VS worden ze verkocht. Als warme broodjes, gewoon niet aan te slepen. Een klikje op Google levert ruim 26.000 vermeldingen. Ben je dan beroemd of niet?

Op de rechter oever van de Gardon, aan de D907 naar St.Jean-du-Gard, is een paar kilometer buiten het dorp een bijzondere plek. De klei afgraving van Labahou. Al in de vijfde eeuw zou daar sprake zijn geweest van pottenbakkerijen. Sinds het begin van de 17e eeuw ligt die fijne klei aan de oorsprong van de roemrijke vazen. De naam achter dit succes is die van de familie Boisset, sinds 1610 de baas van een poterie. Nu gespecialiseerd in grote exemplaren, traditioneel goudgeel met guirlandes en versierd met groene en bruine toetsen. Altijd voorzien van het zegel Boisset d'Anduze. Antieke exemplaren, zoals deze uit de 19e eeuw, zijn zeer gewild. Deze konden we bij een antiquair in L'Isle-sur-Sorgue voor net niet 3000 eurootjes meenemen, maar de sponsor liet 't afweten.


De eerste Boisset werd geïnspireerd door een klassieke Italiaanse vaas van Medicis (rechts) op de jaarmarkt in Beaucaire. In de eeuwen na de start heeft Boisset kunnen profiteren van de rijkdom van de zijdefabrikanten uit de streek. Hun tuinen en parken werden opgesierd met de vazen en dienden als voorbeeld voor andere grootverdieners. Eerst in Frankrijk, met als illustere klant Versailles. Daar werden ze gebruikt voor sinaasappel- en citroenboompjes. De luister van het Franse hof werd op grote schaal geïmiteerd in heel Europa en zelfs in de VS. Anduze stond op de wereldkaart.

Nu runnen nazaten het bedrijf onder de naam Les Enfants de Boisset. Sinds een paar jaar mogen ze zich als enige in de Gard presenteren als Entreprise du Patrimoine Vivant, een eretitel verleend door de Franse regering. Ze scharen zich daarmee in een rijtje met beroemde namen als Dior, Guerlain en Vuiton.
Met een tiental medewerkers worden vandaag de dag niet meer dan 100 vazen per week gemaakt. Te weinig voor de internationale vraag. Vandaar dat andere pottenbakkers een graantje meepikken.
Maar een echte Vase d'Anduze is nog steeds een Boisset.

Labels: , , ,

0 reacties:

Een reactie posten

Aanmelden bij Reacties posten [Atom]

<< Homepage